Woordenlijst
Frans – Werkwoorden oefenen

snijden
Voor de salade moet je de komkommer snijden.

hangen
De hangmat hangt aan het plafond.

binnenkomen
De metro is net het station binnengekomen.

thuiskomen
Papa is eindelijk thuisgekomen!

beschermen
Een helm moet tegen ongelukken beschermen.

opstaan
Ze kan niet meer zelfstandig opstaan.

doden
Pas op, je kunt iemand doden met die bijl!

mengen
Verschillende ingrediënten moeten worden gemengd.

missen
Ik zal je zo erg missen!

afhangen van
Hij is blind en is afhankelijk van hulp van buitenaf.

komen
Ik ben blij dat je bent gekomen!
