Woordenlijst
Hindi – Werkwoorden oefenen

onderdak vinden
We vonden onderdak in een goedkoop hotel.

samenwerken
We werken samen als een team.

spelen
Het kind speelt liever alleen.

verheugen
Het doelpunt verheugt de Duitse voetbalfans.

uitsterven
Veel dieren zijn vandaag uitgestorven.

vertrekken
Onze vakantiegasten vertrokken gisteren.

verantwoordelijk zijn voor
De arts is verantwoordelijk voor de therapie.

controleren
De monteur controleert de functies van de auto.

geldig zijn
Het visum is niet meer geldig.

laten staan
Vandaag moeten velen hun auto’s laten staan.

thuiskomen
Papa is eindelijk thuisgekomen!
