Woordenlijst
Hongaars – Werkwoorden oefenen

geven
De vader wil zijn zoon wat extra geld geven.

serveren
De ober serveert het eten.

wennen aan
Kinderen moeten wennen aan het tandenpoetsen.

imiteren
Het kind imiteert een vliegtuig.

vertellen
Ik heb iets belangrijks te vertellen.

terechtkomen
Hoe zijn we in deze situatie terechtgekomen?

zorgen voor
Onze zoon zorgt heel goed voor zijn nieuwe auto.

moeten
Men zou veel water moeten drinken.

geld uitgeven
We moeten veel geld uitgeven aan reparaties.

drinken
De koeien drinken water uit de rivier.

geïnteresseerd zijn
Ons kind is erg geïnteresseerd in muziek.
