Woordenlijst
Indonesisch – Werkwoorden oefenen

antwoorden
Zij antwoordt altijd eerst.

op handen zijn
Een ramp is op handen.

een toespraak houden
De politicus houdt een toespraak voor veel studenten.

springen
Hij sprong in het water.

samenkomen
Het is fijn als twee mensen samenkomen.

zoeken naar
De politie zoekt naar de dader.

ontmoeten
De vrienden ontmoetten elkaar voor een gezamenlijk diner.

missen
De man heeft zijn trein gemist.

zorgen voor
Onze conciërge zorgt voor de sneeuwruiming.

toebehoren
Mijn vrouw behoort mij toe.

weten
De kinderen zijn erg nieuwsgierig en weten al veel.
