መዝገበ ቃላት
ሆላንዳዊ – ግሲታት ልምምድ

slaan
Ze slaat de bal over het net.

drukken
Boeken en kranten worden gedrukt.

sparen
Mijn kinderen hebben hun eigen geld gespaard.

herhalen
Kun je dat alstublieft herhalen?

voor laten
Niemand wil hem voor laten gaan bij de kassa van de supermarkt.

missen
De man heeft zijn trein gemist.

bedekken
Het kind bedekt zichzelf.

overweg kunnen
Stop met ruziën en kunnen jullie eindelijk met elkaar overweg!

uitzetten
Ze zet de wekker uit.

stoppen
Je moet stoppen bij het rode licht.

verkennen
Mensen willen Mars verkennen.
