Testen 21



Datum:
Tijd besteed aan testen::
Score:


Fri Jan 02, 2026

0/10

Klik op een woord
1. Zien we elkaar morgen?
Vemo-nos ?   See hint
2. Ik drink thee.
Eu bebo   See hint
3. Mijn man wast de auto.
O meu marido o carro   See hint
4. Ik wil graag naar het station.
de ir à estação ferroviária   See hint
5. Wilt u dat met rijst?
Vai com arroz?   See hint
6. Wanneer gaat de laatste bus?
Quando é que é o último ?   See hint
7. Hoe oud is dat gebouw?
Quantos tem este edifício?   See hint
8. Sport jij?
desporto?   See hint
9. Zullen we nu gaan?
embora agora?   See hint
10. Ik heb een woordenboek nodig.
Preciso um dicionário   See hint