単語
形容詞を学ぶ – オランダ語
gelijk
twee gelijke patronen
同じ
二つの同じ模様
eerlijk
de eerlijke eed
正直な
正直な誓い
modern
een modern medium
現代の
現代的なメディア
besneeuwd
besneeuwde bomen
雪で覆われた
雪に覆われた木々
zichtbaar
de zichtbare berg
見える
見える山
oud
een oude dame
古い
古い女性
perfect
het perfecte glas-in-lood roosvenster
完璧な
完璧なステンドグラスの窓
vereist
de vereiste winterbanden
必要な
必要な冬タイヤ
klaar om te starten
het startklare vliegtuig
出発準備ができている
出発の準備ができている飛行機
verschrikkelijk
de verschrikkelijke haai
恐ろしい
恐ろしいサメ
verrast
de verraste junglebezoeker
驚いている
驚いたジャングルの訪問者