Woordenlijst
Leer bijwoorden – Tsjechisch
tam
Jdi tam a pak se znovu zeptej.
daar
Ga daarheen, vraag dan opnieuw.
brzy
Tady brzy otevřou komerční budovu.
binnenkort
Hier wordt binnenkort een commercieel gebouw geopend.
pryč
Odnesl si kořist pryč.
weg
Hij draagt de prooi weg.
dolů
Spadne dolů z výšky.
naar beneden
Hij valt van boven naar beneden.
například
Jak se vám líbí tato barva, například?
bijvoorbeeld
Hoe vind je deze kleur, bijvoorbeeld?
do
Skočili do vody.
in
Ze springen in het water.
velmi
Dítě je velmi hladové.
erg
Het kind is erg hongerig.
dost
Chce spát a má dost toho hluku.
genoeg
Ze wil slapen en heeft genoeg van het lawaai.
všechny
Zde můžete vidět všechny vlajky světa.
alle
Hier kun je alle vlaggen van de wereld zien.
celý den
Matka musí pracovat celý den.
de hele dag
De moeder moet de hele dag werken.
vždy
Tady bylo vždy jezero.
altijd
Hier was altijd een meer.