Woordenlijst
Leer bijwoorden – Italiaans
via
Lui porta via la preda.
weg
Hij draagt de prooi weg.
ora
Dovrei chiamarlo ora?
nu
Moet ik hem nu bellen?
ma
La casa è piccola ma romantica.
maar
Het huis is klein maar romantisch.
davvero
Posso davvero crederci?
echt
Kan ik dat echt geloven?
abbastanza
Lei è abbastanza magra.
behoorlijk
Ze is behoorlijk slank.
un po‘
Voglio un po‘ di più.
een beetje
Ik wil een beetje meer.
stesso
Queste persone sono diverse, ma ugualmente ottimiste!
even
Deze mensen zijn verschillend, maar even optimistisch!
da solo
Sto godendo la serata tutto da solo.
alleen
Ik geniet van de avond helemaal alleen.
di nuovo
Lui scrive tutto di nuovo.
opnieuw
Hij schrijft alles opnieuw.
tutto
Qui puoi vedere tutte le bandiere del mondo.
alle
Hier kun je alle vlaggen van de wereld zien.
tutto il giorno
La madre deve lavorare tutto il giorno.
de hele dag
De moeder moet de hele dag werken.