Woordenlijst
Leer bijwoorden – Catalaans
junts
Els dos els agrada jugar junts.
samen
De twee spelen graag samen.
primer
La seguretat ve primer.
eerst
Veiligheid komt eerst.
a
Salten a l‘aigua.
in
Ze springen in het water.
fora
El nen malalt no pot sortir fora.
buiten
Het zieke kind mag niet naar buiten.
sovint
No es veuen tornados sovint.
vaak
Tornado‘s worden niet vaak gezien.
enlloc
Aquestes pistes no condueixen a enlloc.
nergens
Deze sporen leiden naar nergens.
lluny
Se‘n duu la presa lluny.
weg
Hij draagt de prooi weg.
almenys
La perruqueria no va costar gaire, almenys.
minstens
De kapper kostte minstens niet veel.
correctament
La paraula no està escrita correctament.
correct
Het woord is niet correct gespeld.
per exemple
Com t‘agrada aquest color, per exemple?
bijvoorbeeld
Hoe vind je deze kleur, bijvoorbeeld?
de nou
Es van trobar de nou.
opnieuw
Ze ontmoetten elkaar opnieuw.