Woordenlijst
Leer werkwoorden – Italiaans
ricordare
Il computer mi ricorda i miei appuntamenti.
herinneren
De computer herinnert me aan mijn afspraken.
spegnere
Lei spegne l’elettricità.
uitzetten
Ze zet de elektriciteit uit.
aprire
Puoi per favore aprire questa lattina per me?
openen
Kun je dit blikje voor me openen?
rafforzare
La ginnastica rafforza i muscoli.
versterken
Gymnastiek versterkt de spieren.
pubblicare
La pubblicità viene spesso pubblicata sui giornali.
publiceren
Reclame wordt vaak in kranten gepubliceerd.
presentare
Sta presentando la sua nuova fidanzata ai suoi genitori.
voorstellen
Hij stelt zijn nieuwe vriendin voor aan zijn ouders.
fermare
La poliziotta ferma l’auto.
stoppen
De agente stopt de auto.
causare
Lo zucchero causa molte malattie.
veroorzaken
Suiker veroorzaakt veel ziekten.
rispondere
Lo studente risponde alla domanda.
antwoorden
De student beantwoordt de vraag.
vendere
I commercianti stanno vendendo molte merci.
verkopen
De handelaren verkopen veel goederen.
iniziare
Una nuova vita inizia con il matrimonio.
beginnen
Een nieuw leven begint met een huwelijk.