Woordenlijst
Servisch – Werkwoorden oefenen
opkomen voor
De twee vrienden willen altijd voor elkaar opkomen.
sturen
Ik stuur je een brief.
eindigen
De route eindigt hier.
kletsen
Ze kletsen met elkaar.
weglopen
Onze zoon wilde van huis weglopen.
uitsluiten
De groep sluit hem uit.
slaan
Ouders zouden hun kinderen niet moeten slaan.
tentoonstellen
Hier wordt moderne kunst tentoongesteld.
zingen
De kinderen zingen een lied.
sparen
Mijn kinderen hebben hun eigen geld gespaard.
genereren
We genereren elektriciteit met wind en zonlicht.