Woordenlijst
Leer werkwoorden – Pools
reprezentować
Prawnicy reprezentują swoich klientów w sądzie.
vertegenwoordigen
Advocaten vertegenwoordigen hun cliënten in de rechtbank.
spotkać się
Miło, kiedy dwie osoby się spotykają.
samenkomen
Het is fijn als twee mensen samenkomen.
kopać
Oni lubią kopać, ale tylko w piłkarzyki.
schoppen
Ze schoppen graag, maar alleen bij tafelvoetbal.
pominąć
Możesz pominąć cukier w herbacie.
weglaten
Je kunt de suiker in de thee weglaten.
myśleć
Zawsze musi o nim myśleć.
denken
Ze moet altijd aan hem denken.
podsumować
Musisz podsumować kluczowe punkty z tego tekstu.
samenvatten
Je moet de belangrijkste punten uit deze tekst samenvatten.
cofnąć
Wkrótce będziemy musieli cofnąć zegar.
achteruit zetten
Binnenkort moeten we de klok weer achteruit zetten.
padać śnieg
Dziś spadło dużo śniegu.
sneeuwen
Het heeft vandaag veel gesneeuwd.
znosić
Ona ledwo znosi ból!
verdragen
Ze kan de pijn nauwelijks verdragen!
skakać dookoła
Dziecko radośnie skacze dookoła.
rondspringen
Het kind springt vrolijk in het rond.
kochać
Ona naprawdę kocha swojego konia.
houden van
Ze houdt echt veel van haar paard.