Woordenlijst
Leer werkwoorden – Frans
traduire
Il peut traduire entre six langues.
vertalen
Hij kan tussen zes talen vertalen.
oublier
Elle ne veut pas oublier le passé.
vergeten
Ze wil het verleden niet vergeten.
devenir amis
Les deux sont devenus amis.
vrienden worden
De twee zijn vrienden geworden.
ravir
Le but ravit les fans de football allemands.
verheugen
Het doelpunt verheugt de Duitse voetbalfans.
s’entraîner
Il s’entraîne tous les jours avec son skateboard.
oefenen
Hij oefent elke dag met zijn skateboard.
endommager
Deux voitures ont été endommagées dans l’accident.
beschadigen
Twee auto’s raakten beschadigd bij het ongeluk.
tourner
Elle retourne la viande.
draaien
Ze draait het vlees.
surpasser
Les baleines surpassent tous les animaux en poids.
overtreffen
Walvissen overtreffen alle dieren in gewicht.
quitter
Les touristes quittent la plage à midi.
verlaten
Toeristen verlaten het strand rond de middag.
revenir
Le boomerang est revenu.
terugkomen
De boemerang kwam terug.
confirmer
Elle a pu confirmer la bonne nouvelle à son mari.
bevestigen
Ze kon het goede nieuws aan haar man bevestigen.